18 januari 2010 Arno van 't Hoog 55x gelezen
Redactioneel C2W 20, door Arno van 't Hoog
Halverwege oktober beleefde Ronald Plasterk zijn finest hour als ’s lands Onderzoeksminister. Hij mocht geld besteden. En dan niet aan lerarensalarissen, maar aan universitaire wetenschap. Tussen 2011 en 2016 stelt hij namelijk 20 miljoen euro per jaar beschikbaar voor onderwijs en onderzoek aan de scheikunde- en natuurkundefaculteiten. Het Sectorplan natuur- en scheikunde moet leiden tot structurele versterking van beide disciplines. 10 miljoen per jaar voor de scheikunde – de helft minder dan waarom werd gevraagd.
Met een zwierige handtekening maakte Plasterk zo een heus gebaar naar de universitaire bètawetenschap. Het is geld voor verzachting van het leed van teruglopende studentenaantallen en de daarmee samenhangende financiering. Het is een troostende pleister voor de decimering van het aantal stafplaatsen binnen de faculteiten. En een warm gebaar voor het structureel afknijpen van de eerste geldstroom sinds 1992 en een gebrek aan investering in kostbare apparatuur.
Toen Plasterk zijn vulpen dichtschroefde dacht hij even aan de blije gezichten van oud-collega’s in de universitaire wereld. Want wat kunnen die mensen tegenwoordig boos kijken en lelijk doen. Onbegrijpelijk. Helemaal sinds hij als belangrijkste vlaag van daadkracht besloot om 100 miljoen uit de eerste geldstroom weg te halen en via de tweede te herverdelen. En daarmee vooral de bètawetenschappers voor de zoveelste keer op een barre tocht door de bezuinigingswoestijn te sturen. Hoeveel stafleden en ondersteunend personeel uiteindelijk niet zullen terugkeren van deze expeditie moet nog blijken.
Van de zomer kreeg de minister nog een delegatie van deze boze bètalieden op bezoek. Ze brachten een petitie tegen de afbraak en onderfinanciering van de universitaire bètawetenschap, voorzien van meer dan duizend handtekeningen. Gelukkig wilde zijn adjudant, directeur-generaal Roborgh dit gezelschap koffie en cake serveren. Want mensen, als hij zoveel zure gezichten had moeten fotograferen, dan zou dat zijn fraaie collectie bezoekersportretten geen goed hebben gedaan.
In september riep Plasterk zijn secretaris bij zich om met tegenzin een antwoord aan de ontevreden meute te dicteren. De boze bèta’s hebben het echt allemaal verkeerd begrepen, ze gebruiken ook nog eens de verkeerde cijfers. Er is echt helemaal geen sprake van een structurele daling. Bovendien, universiteiten zijn autonoom en ze mogen zelf de verdeling bepalen. “Ik heb echter nog niet de indruk dat, gezien de zeer goede onderwijs- en onderzoeksprestaties van de Nederlandse universiteiten, zij daardoor tekortkomen.”
Terwijl hij voldaan de nasmaak van dit proza proefde, schoot het even door zijn hoofd: hoe hard zou de columnist Plasterk oordelen over de minister Plasterk?
C2W is een uitgave van Beta Publishers.
© 2012 www.c2w.nl - alle rechten voorbehouden.