Puck Moll

Eind- & vakredacteur van C2W.

Aan de WUR leerde Puck de eerste fijne kneepjes van de moleculaire wetenschappen kennen. Ze studeerde toentertijd af als fysisch chemicus en werkte daarna een paar jaar bij TNO.

Ze vervolgde haar werktraject bij het biofysische onderzoeksinstituut AMOLF, als aio op de ontwikkeling van kwantumdotzonnecellen. Ze stopte voortijdig om zich op haar langgekoesterde droom te richten: het schrijven over wetenschap. Dat doet zij inmiddels al jaren met veel plezier over al die uiteenlopende thema's die de chemie rijk is.

  pmoll@c2w.nl

  Puck Moll

Door Puck Moll

Next generation; perovskiet in de lift

Er zijn weinig materialen die in zo’n korte tijd zo’n snelle ontwikkeling hebben doorgemaakt. Perovskiet dook voor het eerst op in de zonnecelliteratuur in 2009, toen nog in dye-sensitized solar cells. Al snel bleek het mineraal ook zelfstandig te kunnen functioneren, en schoot de efficiëntie omhoog. Nu haalt dit type zonnecel in het lab zo’n 22 %, vergelijkbaar met die van commercíële siliciumzonnecellen. Menig wetenschapper dook op dit veelbelovende materiaal, je wilt de boot immers niet missen. Perovskiet moet ons eindelijk echt betaalbare zonnestroom gaan opleveren, is een veelgehoorde gedachte. Het zou flexibele, doorzichtige cellen mogelijk maken die efficiënt en goedkoop zijn en makkelijk te produceren.

Noodzakelijke motor

‘Katalyse is de stille motor op de achtergrond’, vertelt Emiel Hensen van de TU/e in deze C2W. Chemici kennen de onschatbare waarde van katalysatoren in tal van processen. Juist door die vanzelfsprekendheid blijft het katalytische onderzoek, waar Nederland zo sterk in is, soms een beetje verborgen voor de buitenwereld en zelfs voor aangrenzende vakgebieden. Maar het tij lijkt te keren. Regeringen schreeuwen het ‘In 2050 CO2-neutraal’ van de daken, en iemand zal die vertaalslag naar duurzamere processen moeten maken. Uit dit themanummer blijkt dat katalyse in veel gevallen een sleutelrol speelt in die transitie.

Warm bad voor innovatie

Begin dit jaar dook ik weer het zwembad in voor mijn wekelijkse baantjes. Na een vakantiestop kon ik mijn zwembril zo gauw niet vinden, dus moest ik het een keertje zonder doen. Daar had ik direct spijt van: ik had nog maar een paar baantjes getrokken en mijn ogen kleurden gevoelsmatig al knalrood en raakten geïrriteerd. Ik had deze bijverschijnselen altijd toegeschreven aan een te hoge concentratie chloor in het zwembadwater. In werkelijkheid gaat het om een reactie van natriumhypochloriet met ureum tot chlooramines. Diezelfde amines kunnen ook zorgen voor huidirritaties en veroorzaken die overbekende zwembadgeur. Kunnen we niet zonder chloor?

Chemische sliding

Voor één keer zijn de Nederlanders en de Vlamingen verenigd op het voetbalveld. Althans op de kunstgrasvariant. Beide partijen onderzoeken op dit moment het rubbergranulaat dat we uit gewoonte over die velden strooien om te voorkomen dat we onze benen openhalen bij een sliding. De aanleiding is een uitzending van Zembla, dat onlangs stelde dat die korrels schadelijk zijn voor de gezondheid. Daarmee trekt het een conclusie uit 2007 van het RIVM in twijfel. Toen concludeerde het instituut dat ‘gebruik­maken van kunstgrasvelden niet leidt tot gezondheids­risico’s als gevolg van blootstelling aan PAK’s en weekmakers.’

NWO: Transformeren met een sneltreinvaart

© Puck Moll

Vanaf januari nemen een chemicus en een chemisch technoloog de rol van domeinvoorzitter in de nieuwe NWO op zich. C2W praat met Ineke Braakman en Jaap Schouten over hoe ze tegen het huidige wetenschapslandschap aankijken en wat hun plannen zijn met NWO. ‘We zullen altijd voor kwaliteit gaan.’

Deel deze pagina
Naar boven