Een exotische schimmel kan het doorgaans slecht afbreekbare cellulose omzetten in een damp die veel dieselcomponenten bevat. Onderzoekers van de Montana State University vonden dit micro-organisme in Patagonië (het meest zuidelijke gedeelte van Zuid-Amerika) en rapporteerden hun ontdekking in
Microbiology.
Het team van onderzoekers heeft interesse in micro-organismen die in exotische planten leven. In takken van de zogenaamde ulmo-bomen, afkomstig uit een regenwoud in Patagonië, bleek de schimmel
Gliocladium roseum te groeien.
Nadere analyse wees uit dat de schimmel gassen produceert. Gaschromatografie gekoppeld aan massaspectrometrie toonde aan dat de damp onder meer componenten bevat die we doorgaans aantreffen in diesel. De onderzoekers noemden deze uitstoot daarom “myco-diesel”.
G. roseum produceert de myco-diesel om andere schimmels om zeep te helpen.
Het micro-organisme bleek goed op cellulose te kunnen groeien. In de damp die het daarbij produceert, bevinden zich heptaan, octaan, benzeen en enkele vertakte koolwaterstoffen. Verder bestaat de damp uit alcoholen en esters met een laag moleculair gewicht. Al met al is de myco-diesel schoner en efficiënter te verbranden dan normale diesel.
Organismen die cellulose kunnen verbruiken zijn zeldzaam. De gevonden schimmel is het eerste organisme waarvan bekend is dat het cellulose rechtstreeks om kan zetten in iets dieselachtigs. Omdat plantenafval zoals hout veel cellulose bevat, is de ontdekking veelbelovend voor de productie van biobrandstoffen zonder dat dit ten koste gaat van voedselproducenten.
Vervolgonderzoek moet aantonen of de schimmel voldoende diesel kan produceren om een kleine motor te laten draaien. Daarnaast is men hard bezig de genen en enzymen te vinden die verantwoordelijk zijn voor de myco-dieselproductie.
Bron: New Scientist