Nieuws
Experimentele biomassaraffinaderij van Inbicon in Kalundborg.

DSM-gist smult van stro

Arjen Dijkgraaf |

Een aangepaste gist van DSM heeft bewezen dat hij op industriële schaal zowel de C5- als de C6-suikers uit tarwestro kan fermenteren. Zo produceert hij 40 procent meer ethanol dan een traditionele gist die alleen C6-suikers lust, maakte zijn baasje vandaag bekend.

In een éénliterfermentor in het lab had deze gist dat al eerder laten zien. Maar dat hij in een vat van 270.000 liter dezelfde prestaties levert, is op z’n minst een mooi voorbeeld van succesvolle opschaling.

Volgens DSM bewijst het tevens dat de logistiek rond de aangepaste gist correct functioneert: net als traditionele bakkersgist wordt die namelijk centraal geproduceerd (vermoedelijk in Delft), waarna hij in gedroogde vorm naar de fermentor wordt opgestuurd.

Die fermentor staat bij Inbicon in het Deense Kalundborg, een dochter van DONG Energy. Er worden al jaren proeven gedaan met de productie van cellulose-ethanol, waarbij de Denen zich vooral concentreren op efficiënte voorbehandelingen van de biomassa teneinde er de cellulose uit vrij te maken. Die cellulose wordt vervolgens verknipt tot losse suikers door enzymen die extern worden ingekocht (van DSM, maar ook van Genencor en Novozymes).

Tot slot moeten de gistcellen dan die suikers fermenteren tot bio-ethanol. Maar van nature lukt ze dat alleen met zogeheten C6-suikers, zoals glucose. C5-suikers zoals xylose, die eveneens een aanzienlijk deel van cellulose uitmaken, zijn voor ‘gewone’ gistcellen onverteerbaar.

De laatste jaren is er heel veel werk gedaan aan gemodificeerde gistcellen die ook C5-suikers zouden moeten lusten. Zeven jaar geleden pronkte de TU Delft al met een experimentele variant die daartoe een gen uit een olifantenkeutel had meegekregen. Sindsdien komen met enige regelmaat xylosefermenterende gisten voorbij, maar tot nu toe beperkten die zich vrijwel allemaal tot het werken op labschaal.

Enkele maanden geleden meldde het Vlaamse instituut VIB als een van de eersten de ontwikkeling van een giststam die het ook onder industriële omstandigheden kon, met naaldbomenhout als xylosebron. Kennelijk was DSM stiekem al een beetje verder, maar dan met tarwestro - of dat gemakkelijker is dan hout, is overigens nog maar de vraag.

Wát er nu precies aan de DSM-gist is gewijzigd, en of het nog iets met die olifant van 7 jaar geleden te maken heeft of een geheel nieuwe ontwikkeling is, is helaas niet bekend gemaakt.

bron: DSM

Deel deze pagina
Ontvang de nieuwsbrief

Meld je aan voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste nieuws van C2W.

Meld je nu aan!

Word abonnee/lid

Sluit nu een abonnement af of word lid van de KNCV en ontvang elke week het laatste nieuws, digitaal of op papier. 

Sluit nu een abonnement af!

Naar boven