Nieuws

Wennen op het werk

Harmen Kamminga | vrijdag 13 maart 2009

Elke nieuwe werkkring heeft zo zijn eigenaardigheden. De bedrijfscultuur bepaalt grotendeels of je slaagt in je nieuwe baan en hoe gelukkig je er wordt. Ontdek daarom snel of jij je draai kunt vinden.

Of je nu groen van de universiteit start op de arbeidsmarkt of na diverse managementfuncties aantreedt als directeur van een internationaal bedrijf, in elke nieuwe werkkring maak je kennis met collega’s die gewend zijn zich grotendeels ‘gewoon’, maar op sommige punten vrij eigenaardig te gedragen. Men haalt alleen koffie voor zichzelf. Of put zich uit als koffiejuffrouw voor de hele afdeling. Iedereen brengt iets mee voor die jarige collega. Of ieders verjaardag gaat ongemerkt voorbij. Dezelfde mensen lunchen altijd samen. Vergaderingen lijken ingestudeerde toneelstukjes met een vaste rolverdeling. De deur van de baas staat altijd open. Maar nooit gaat er iemand naar binnen.

  Elk bedrijf heeft zijn cultuur, die vaak per team, afdeling, type functies, of andere groepering van medewerkers nog weer onderverdeeld is in subculturen. Nieuwkomers hebben maar beperkt invloed op de heersende cultuur. Aanvankelijk zul je vrijwel altijd mee moeten in het gedrag van de groep om van je werk een succesvolle en leuke tijd te maken.

  “Van een nieuwe manager heeft men altijd enorm hoge verwachtingen”, is de ervaring van analytisch chemicus Hans van der Wart (46), sinds 1,5 jaar managing director Environment, Continental Europe bij Alcontrol Laboratories in Hoogvliet. “Dat is best lastig, omdat je als nieuwkomer ook niet alles kunt, en zeker niet in de eerste maanden. Maar na een relatief korte tijd zijn je ‘wittebroodsweken’ voorbij en moet je de koers gaan varen die je met het management hebt uitgestippeld en moet je waar nodig serieuze veranderingen doorvoeren.”

Bezint

  Het is zaak je al voordat je aan een nieuwe baan begint te bezinnen op de match tussen jezelf en je nieuwe werkgever. Ga na wat je wilt, wat je verwachtingen zijn, en in hoeverre de geboden functie daarin kan voorzien. Probeer via websites, sollicitaties en kennismakingsbezoekjes een indruk te krijgen van de bedrijfscultuur. Ga daarbij niet alleen af op wat de organisatie daar zelf over zegt. Van der Wart: “Vaak denkt men een bepaalde cultuur te hebben, maar wijkt de praktijk daar toch duidelijk van af.”

  Bedenk ook dat de keuze persoonlijk is. Er bestaan geen ‘goede’ en ‘slechte’ bedrijfsculturen. Wat voor de een een hel is, is voor de ander de hemel. De eerste maanden in een nieuwe baan is het belangrijk om na te gaan of het beeld dat je bij aanvang van het bedrijf en van jezelf had eigenlijk wel klopt. Vooral bij starters op de arbeidsmarkt schiet dat er nogal eens bij in. Er komt veel op ze af, ze willen graag aan de slag en gaan ergens werken, terwijl nog niet duidelijk is wat ze willen of welke functie ze überhaupt gaan krijgen. Het maakt daarvoor niet uit of je gaat werken bij Shell Global Solutions in Den Haag, zoals technisch natuurkundige Cathalijn van Rijmenam (28) of bij Royal Lankhorst Euronete in Sneek, zoals polymeerchemicus Arnaud Robert (26).

  Van Rijmenam: “Ik ben in mei 2008 begonnen naar aanleiding van mijn stage. In het begin wist ik nog niet waar ik zou gaan werken. Ik werd goed begeleid bij de zoektocht naar een project dat me leuk leek. Dat mijn eerste project voor Shell Global Solutions zich op vloeibaar aardgas zou richten, had ik niet kunnen bedenken. Behalve van de thermodynamica wist ik daar inhoudelijk weinig van af. Het was een sprong in het diepe.’’

  En Robert: “Ik werk hier sinds november 2008. De eerste opvang en kennismaking waren goed verzorgd. Ik kon vrij snel meelopen en de handen snel uit de mouwen steken. Dat vond ik fijn. Ook werd meteen op dag één mijn functie veranderd, aangezien er op de afdeling nog een plek vrij was gekomen. Ik heb nu een functie die eigenlijk veel beter past bij mijn achtergrond in de polymeerchemie.”

Inburgering

  Bij Shell doorloopt Van Rijmenam een wereldwijd gestandaardiseerd Onboarding Programme dat moet leiden tot een snelle en succesvolle integratie in de organisatie. In de R&D­omgeving waar zij werkt werd ze geïntroduceerd door een ‘buddy’. Ook kan ze deelnemen aan een mentoring circle, aan lokale en nationale events van Young Shell. De diverse expats op haar afdeling verzorgen regelmatig feesten en andere sociale gelegenheden. “Afgelopen jaar heb ik met dertig Shell­collega’s meegedaan met de Race of the Classics. Op de boot leer je ook weer mensen kennen”, aldus Van Rijmenam. Van een bepaalde bedrijfscultuur merkt ze weinig. “Bij Shell werken heel veel verschillende mensen. Er is niet echt een mainstream, je kunt voor een groot deel jezelf zijn.”

  Voor Robert verloopt de inburgering misschien wat minder gestructureerd. “De afdeling R&D is pas een halfjaar geleden samengevoegd uit drie kleinere, verspreid gesitueerde afdelingen en moet nog haar definitieve vorm te krijgen. Dat heeft als voordeel dat de situatie voor mijn vijftien collega’s net zo nieuw is als voor mij. Ik ben niet de enige die moet wennen.”

  Wel geeft hij aan dat hij zich wat aanpast aan zijn positie binnen de afdeling. “Ik weet van mezelf dat ik nogal kritisch kan zijn. Ik zie dus soms een stukje van een procedure waarvan ik denk dat dat misschien ook anders zou kunnen. Ik heb niet het gevoel dat ik dat tegen mijn manager en collega’s niet zou kunnen zeggen, maar toch houd ik zulke dingetjes liever nog even voor me. Ik kom immers nog maar net kijken. Misschien doorzie ik zo’n procedure nog niet goed. Als ik er over een poosje nog steeds zo tegenaan kijk, is het nog vroeg genoeg om er eens over te beginnen. Iemand die meer midcareer is, zal in een nieuwe situatie misschien meer druk voelen om zich te bewijzen en sneller zijn mond willen opendoen. Van mij wordt dat gelukkig nog niet verwacht.”

Bewust inzicht

  Starters zoals Van Rijmenam en Robert kunnen onbevangen – en soms onbewust – kennismaken met een bedrijfscultuur. Voor een nieuwe leidinggevende is bewust inzicht van groot belang. Dat heeft ook Van der Wart de afgelopen jaren ervaren. Hij begon zijn managementcarrière in 1987 bij Biochem en heeft sinds de overname van dat bedrijf door Alcontrol in 1998 meerdere functies bekleed bij Alcontrol.

  “Door een overname krijg je tijdelijk een situatie van meerdere culturen binnen één bedrijf”, herinnert Van der Wart zich uit zijn begintijd. Hij wijst erop dat het vaak als de taak van een nieuwe manager wordt gezien om de cultuur binnen een bedrijf of een afdeling te veranderen. “Vaak wordt je ergens neergezet omdat de bedrijfsleiding niet volledig tevreden is met de bestaande cultuur en is het de bedoeling dat je daar als manager iets aan verandert”, stelt hij. “In mijn eerste functie zaten we in een groeiscenario. Dan blijf je nieuwe mensen aannemen die passen bij de cultuur die je nastreeft, dan heb je het relatief gemakkelijk.’’

  Later in zijn loopbaan – bij functies in Zweden en in het Verenigd Koninkrijk – kwam Van der Wart in contact met internationale verschillen in bedrijfscultuur. “Neem Engeland. Ik was altijd gewend om veel te praten met de medewerkers op de werkvloer, want daar pik je vaak waardevolle dingen op. Mijn eigen kennis van de chemie komt daarbij vaak goed van pas. In Nederland en Zweden bouw je daarmee vrij snel een vertrouwensbasis op. In Engeland vond ik de mensen eerst heel verlegen. Maar dat was de hiërarchische bedrijfscultuur. Mensen met een stropdas horen daar niet om te gaan met de mensen op de werkvloer. Als ze dat wel doen, is het meestal slecht nieuws. Dat maakte de mensen aanvankelijk zo onzeker.”

WEL OF GEEN MATCH?

Tips om erachter te komen of je nieuwe werkomgeving bij je past.

• Houd een dagboek bij

Houd de eerste maand in je nieuwe baan een dagboek bij van je werk. Noteer alle dingen die je op en rond je werk opvallen. Stop na ongeveer een maand en leg het dagboek weg. Lees het pas een maand of zeven later weer eens door, als je het gevoel hebt al aardig de draai gevonden te hebben. Herken je de dingen nog die je hebt beschreven? En vooral: herken je de persoon nog die daar zo verbaasd over schreef? Nee? Dan heb je je misschien te veel aangepast aan een bedrijfscultuur die je eigenlijk niet ligt.

• Kijk en luister

Blijf in het begin vooral kijken en luisteren naar wat je collega’s doen, zonder meteen voluit mee te doen. Zich aanpassen doen de meeste mensen vanzelf. Het is juist zaak die drang in het begin wat af te remmen. Probeer routines te vermijden, want als die eenmaal zijn ingeslepen zie je niet meer wat je er eventueel nog eens aan zou willen veranderen. Lunch als het even kan steeds met verschillende mensen. Begin eerder dan de rest en ga later weg, anders loop je belangrijke informatie mis. Hoe komen je collega’s binnen? Vrolijk groetend? Sloffen ze?

• Stel vragen

Stel in het begin veel vragen. Natuurlijk over de inhoud van je werk, de procedures, wat er van je wordt verwacht, maar ook in de small talk met collega’s. Vragen stellen voorkomt dat je alleen maar over jezelf gaat vertellen – als luisteraar merk je meteen hoe irritant dat eigenlijk is, of, nog dodelijker, dat je een oordeel of een roddel laat glippen over een collega. En de praatjes, oordelen en roddels die anderen antwoorden op je vragen leveren je vitale informatie op over de groepsnormen en onderlinge relaties.

Bron: C2W5, Carrière Magazine, 14 maart 2009

Ontvang de nieuwsbrief

Meld je aan voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste nieuws van C2W.

Meld je nu aan!

Wordt abonnee/lid

Logo KNCV

Sluit nu een abonnement af of word lid van de KNCV en ontvang elke week het laatste nieuws, digitaal of op papier. 

Sluit nu een abonnement af!