Verenigingen

Nederland blijft aantrekkelijk voor chemici

KNCV |
Carrière & Opleiding

Heeft de Nederlandse chemische gemeenschap last van een braindrain? De KNCV vroeg het vier onderzoekers die naar Nederland kwamen om hun carrière te vervolgen. 

Een rapport van het KNAW toonde onlangs aan dat de braindrain in Nederland mee lijkt te vallen. Toch kiezen wetenschappelijke talenten regelmatig voor het buitenland vanwege een beter onderzoeksklimaat of betere funding. Maar volgens onderzoekers die zelf ooit naar Nederland verhuisden voor hun onderzoek, hoeven we ons echt geen zorgen te maken.

Op de foto, vanaf linksboven met de klok mee: Nathalie Katsonis, Wilson Smith, Vittorio Saggiomo en Syuzanna Harutyunyan.

Nathalie Katsonis, hoogleraar biogeïnspireerde en slimme materialen aan de Universiteit Twente, komt oorspronkelijk uit Frankrijk

‘Na mijn promotie in Parijs zocht ik een postdocpositie in Duitsland of in de VS, maar toen kwam ik Ben Feringa tegen tijdens zijn werkweek. Zijn open houding en dynamische stijl hebben mij ervan overtuigd dat dit de juiste onderzoeksomgeving voor mij is. Na mijn postdoc verhuisde ik naar Toulouse voor een vaste positie als onderzoeker, maar de cultuur daar beviel me niet. Het was heel hiërarchisch, met weinig focus op out-of-the-boxchemie. Dat is in Neder­land anders. Daarom besloot ik snel terug te verhuizen en kwam ik eerst in Groningen en daarna in Twente terecht.

Voor mij was Nederland een logische keuze omdat ik het al kende, maar dit land heeft ook een wereldwijde reputatie op het gebied van chemie. Voor zo’n klein land produceren de onderzoekers uitstekende resultaten en doorbraken. Misschien helpt het juist wel dat alles hier relatief dichtbij is, deze kleine gemeenschap werkt veel samen. De strijd om subsidies is soms heftig, maar dat past wel bij mij. Door dit systeem ben je onafhankelijker, je kunt gekke ideeën uitproberen. Maar we moeten wel oppassen dat we ambitieus genoeg in de wetenschap investeren, ook voor fundamenteel onderzoek.’

Wilson Smith, hoogleraar chemische technologie aan de Technische Universiteit Delft, komt oorspronkelijk uit de VS

‘Na mijn promotie in de VS heb ik een postdoc gedaan in Parijs. Mijn vrouw en ik hielden van reizen en het was een topinstituut, dus besloten we de gok te wagen. Toen kwam er een positie vrij aan de Tech­nische Universiteit Delft en besloot ik te solliciteren. Tot mijn verbazing kreeg ik de baan, en ik heb het hier al enkele jaren erg naar mijn zin.

Er zijn misschien wel landen waar je als onderzoeker makkelijker geld krijgt, maar ik vind het hier leuk. Bovendien zijn veertien van mijn vijftien subsidieaanvragen gehonoreerd, dus ik mag niet klagen. Ook houd ik van de sterke drang om onderzoek snel toe te passen. De binding tussen de academische wereld en de industrie is sterk in Nederland. Ik moet alleen nog steeds erg wennen aan de instelling van de studenten. Hier haalt vaak de helft van de studenten je vak niet, en dan doe je het nog aardig. In de VS is dat ondenkbaar. Maar het voelt hier wel een stuk relaxter.’

Syuzanna Harutyunyan, hoogleraar synthetisch-organische chemie aan de Rijksuniversiteit Groningen, komt oorspronkelijk uit Armenië

‘Ik ben gepromoveerd in Moskou en ben daarna naar Nederland gekomen voor een postdoc bij Ben Feringa. Toen heb ik een tijdje in de industrie in België gewerkt, maar al snel miste ik de academische wereld. Toen koos ik er specifiek voor om terug te gaan naar Nederland, omdat de onderzoekswereld daar me erg goed was bevallen. Iedereen spreekt hier Engels, dat is heel makkelijk – al spreek ik daardoor nog steeds niet echt Nederlands. En de mensen accepteren me, ze accepteren mijn ideeën en nemen me echt op in de gemeenschap. Daardoor voel je je erg welkom.

Volgens mij zijn er altijd wetenschappers die besluiten Neder­land te verlaten, maar er komen er veel voor terug. En het helpt bij de internationale samenwerkingen, het werkt ook niet als iedereen alleen maar in zijn eigen landje zou blijven. Maar Nederland is zeker een goed land om chemisch onderzoek te doen, ik zou op dit moment nergens anders willen werken.’

Vittorio Saggiomo, universitair docent bionanotechnologie aan de Wageningen University & Research, komt oorspronkelijk uit Italië

‘Via het Marie Curie-netwerk kwam ik na mijn promotie in contact met Sijbren Otto en zo kwam ik in Nederland terecht voor een postdoc. Het ging mij niet direct om het land, maar vooral om het onderzoek. Supra­moleculaire chemie is erg groot in Nederland. Maar de cultuur beviel me wel, dus ben ik in Wageningen begonnen mijn eigen groep op te zetten.

Nederland is een fijn land, afgezien van het weer en het eten. Iedereen spreekt Engels en je kunt overal heel snel komen. Ook de studenten zijn heel talentvol, de infrastructuur op de universiteiten is heel goed en zorgt ervoor dat ze zelf echt onderzoek kunnen uitvoeren. Wel vind ik dat de universiteiten de onderzoekers meer mogen helpen, zeker als ze net starten met hun onderzoeksgroep. In Duitsland krijg je bijvoorbeeld standaard twee promovendi. Hier moet je eigenlijk eerst proberen geld te vinden en is het lastig om echt aan je onderzoek te beginnen. Maar tot nu toe schrikt dat chemici volgens mij nog niet af.’  

 

Deel deze pagina

Masterclass Business Development & Innovation in Life Sciences:
d
onderdag 26 januari in Utrecht.

KNCV

De Koninklijke Nederlandse Chemische Vereniging (KNCV) vergroot de (vak)kennis van leden, bevordert de contacten tussen leden en behartigt hun belangen in hun werkveld en richting politiek en overheid. Werk, Onderwijs en Maatschappij zijn de speerpunten van het beleid. Ook maakt de KNCV zich hard voor de beeldvorming van de chemie buiten de vereniging.

NBV

De Nederlandse Biotechnologische Vereniging (NBV) is dé beroepsvereniging van professionals werkzaam in de toegepaste life sciences. De NBV wil professionele activiteiten en maatschappelijk verantwoorde beroepsuitoefening stimuleren. Daarnaast draagt de NBV bij aan een evenwichtige informatievoorziening over nut, belang en maatschappelijke betekenis van de biotechnologie.

NVBMB

De Nederlandse Vereniging voor Biochemici en Moleculair Biologen (NVBMB) is opgericht in 1927 en vertegenwoordigt de belangen van studenten en professionals in deze vakgebieden. De vereniging heeft tot doel het veld van biochemie en moleculaire biologie te stimuleren. 

Jong KNCV zoekt versterking!

Ben je lid van de KNCV en wil jij je professionele netwerk uitbreiden? Wil je samen met andere jonge chemici de KNCV vertegenwoordigen bij bedrijven en onderwijs­instellingen? Neem jij initiatief en bezit jij over organisatietalent? Dan is Jong KNCV op zoek naar jou! Mail je vragen of je sollicitatie naar ons!

Naar boven